Ebbo Orsel

Ebbo Orsel (Nieuwe Pekela, 2 maart 1903 - Oude Pekela, 27 maart 1945) was een Pekelder arbeider.

Biografie

Orsel was een zoon van de timmerman Jan Orsel en Zwaantje Bos. Hij was gehuwd met Lutia Kuiper, dochter van de arbeider Aijolt Kuiper en Hinderkien Jager uit Oude Pekela.

Orsel woonde in Oude Pekela. Hij was daar los-arbeider. Orsel kreeg bekendheid in de periode 1931-1937, nl. toen hij lid was van de gemeenteraad in zijn woonplaats. Hij stond bekend als een ontembare communist. Orsel was een van de leden van de afdeling Oude Pekela van de Communistische Partij Holland (CPH), die rond 1928 was opgericht. Hij was actief betrokken bij de stakingen en onrusten tijdens de crisisjaren in de jaren 30 van de 20ste eeuw. Orsel deed niets anders dan de ellende van alledag voor de arbeiders bij voortduring aan de orde te stellen. Hij werd in september 1932, tijdens een vergadering van de gemeenteraad, op last van de toenmalige burgemeester Jan Snater, door de politie uit de raadzaal verwijderd vanwege zijn opruiend taalgebruik.

Orsel werd in 1936 veroordeeld wegens belediging van het hoofd van een bevriende staat, in casu Adolf Hitler. Verdachte heeft in een openbare vergadering de volgende woorden gebezigd: “Ik mag niet zeggen hoe ik over Hitler denk; dat verbiedt de wet Van Schaik1). Ik mag niet zeggen dat Hitler een beest is en daarom zeg ik het niet. Maar als ik te rade ging met wat ik op het hart heb, zou ik hem het in zijn gezicht slingeren.”
De eis luidde drie weken gevangenisstraf. De kantonrechter veroordeelde hem tot 14 dagen gevangenisstraf.

1) Van Schaik was destijds Minister van Justitie.

Eigen Gereedschappen